We hebben op maandag 23 mei een project gehad over lenzen.

Op die dag hebben we 3 vakken gehad: Biologie, Natuurkunde en Techniek.

We hebben in het eerste uur met biologie een kalfsoog ontleed. We moesten 5 tekeningen maken van verschillende delen van het kalfsoog. Het kalfsoog bestaat uit de volgende onderdelen: 

 Al deze onderdelen hebben we benoemd in een schematische tekening.

In het 2e uur hebben we techniek gehad.

We hebben gewerkt aan een camera obscura, dit is een soort machanisch oog. Je stelt het beeld scherp door de lens de bewegen, maar het beeld wordt wel ondersteboven op de achterkant van de camera geprojecteerd. Bij een echt oog zorgen de hersenen voor het scherpstellen en het omdraaien van hert beeld.

Voor het bouwen van de camera obscura kregen we twee stukken kappa foam. Deze twee stukken hebben we in meerdere kleine stukken gesneden met een stanleymes. We hadden wel alle stukken precies opgemeten waardoor alles aan elkaar kon worden gelijmd. We creĆ«erden twee holle vierkante buizen, die in elkaar konden schuiven. We plakten een kant-en-klare lens op de voorkant van de camera, en een doorzichtig stuk papier op de achterkant, en klaar was de camera obscura. Ook hebben we de buitenkant versierd met bliksemschichten. We vonden het heel leuk om de camera te testen. We hebben geconcludeerd dat de camera obscura goed in zijn gebruik is.

   

Hierboven zie je een afbeelding van de camera obscura. Wij hebben hem natuurlijk iets minder netjes en precies gemaakt, maar hoe het werkt is uiteindelijk hetzelfde.

In het 3e uur hebben we natuurkunde gehad.

We kregen een bak met speciale spullen om mee te werken. Het lokaal werd verduisterd om de lichtstralen goed te kunnen zien. In de bak zaten allemaal verschillende glazen lenzen en twee verschillende lichtkastjes en voor de stroom hadden we een transformator. Met behulp van de lenzen konden we zien wat het verschil was tussen holle- en bollelenzen. Dit hebben we getekend op een papier, dan zag je goed hoe de lichtstralen werden gespreid of samengevoegd.

Hier zie je de converging van een lens. deze lens is duidelijk bol. Dit gebeurt er dus bij een bolle lens. Bij een holle lens gebeurt precies het tegenovergestelde. Dan gaan de stralen uit elkaar.

De volgende opdracht was met behulp van een stalen lat, een beeldprojectie scherpstellen op een wit papier.

Conclusie:
Hoe boller de lens is, hoe korter de brandpuntsafstand is.